travelinreisverslagen
Reisverslagen:
< Reisverslagen pagina 8                                                                                                                         Reisverslagen pagina 6 >  

travelinreport2012.11.27
  Motoren ontmoeten eerste olifanten! (Uganda)

De grens overgang Malaba/Tororo, van Kenia naar Uganda gaat verbazingwekkend simpel. De motoren worden niet eens meer bekeken, de ambtenaar blijft keurig achter zijn bureautje zitten en geeft ons de benodigde stempels in ons Carnet. Zo zeg, dat ging wel anders he, als in landen meer in het noorden van Afrika, Egypte, Soedan, ook Ethiopie hadden ze er een handje van. Alles werd bekeken, de framenummers van de motoren werden gecheckt, nummerborden, de bagage. In Ethiopie moesten we zelfs alle tassen open maken. Maar hier....., niks van dat alles! "Thanks for visiting Kenia" en "Welcome in Uganda!" Heerlijk! ;)


Onze eerste stop in Uganda is Mbale. De weg was slecht (we zijn verwend door de mooie wegen in Ethiopie en een groot deel van Kenia, met mooie, net nieuw, aangelegde asfaltwegen) het 1e stuk vanaf de grens is het wegdek goed, deze weg vervolgd naar Kampala, de hoofdstad, maar het stuk rechtsaf naar Mbale is onverhard, normaal totaal geen probleem, maar ook vandaag weer ..... regen :( dus de weg is n gladde glijdende slippende modderpoel. Uganda, wat weten we er eigenlijk over, weinig, dat het een raar verleden heeft met Idi Amin aan de macht, de meeste mensen, waaronder wij ook, kennen het land alleen van de film 'The Last King of Scotland'. Een hele aangrijpende, realistische, waargebeurde film. En dan nu rijden wij hier 'zomaar' rond! Het Ebola virus was een 2 maanden geleden hier nog uitgebroken, wisten dus 2 maanden geleden niet of we wel of niet via Uganda konden rijden. We hadden inmiddels vernomen dat de ziekte gelukkig alweer onder controle was. Je maakt jezelf (en vooral de mensen thuis :) daar van te voren toch nogal wat druk om. Maar tja......in Nederland kun je sterven aan het eten van zalm, lazen we laatst in de krant!

Maar goed, Uganda, wat een land, wat een sfeer, wat een vriendelijkheid onderweg gelijk al weer, lachende mensen, leven op straat, meer gelijkheid (?). Met Kenia hadden we dat nu net allemaal niet, waarom niet? Geen idee eigenlijk, de atmospheer, te groot, te onpersoonlijk, te afstandig, rommelig, vuil en vies, iets onveiliger (? al hebben wij gelukkig niks aan de hand gehad). De mensen laks (luier?). Hier hebben we gelijk een veilig en warm gevoel, en dat de mensen, hoe arm dan ook, van alles wat proberen te maken, alles net weer even iets beter proberen te onderhouden en in Kenia net weer niet, meer verval. Alhoewel, ook hier wel weer hoor, alles wat de Engelsen ooit hebben gebouwd aan gebouwen, straten, wegen, als het verval eenmaal begint...... dat hoef je toch niet te onderhouden?! De gebouwen dateren nog van 1948. Dus tja, ook hier verval, maar dan net weer wat anders dan in Kenia, mmmm, tja, hoe leg je dat uit he, hoe omschrijf je dat.....? T'is een gevoel.

Elke keer weer als we een nieuw land binnen komen dan probeer je het wat te begrijpen door rond te kijken, de verschillen te zien. En altijd weer is het weer of helemaal anders (Ethiopie met Kenia), of net even anders, zoals hier nu Kenia met Uganda.

We stonden dan ook versteld in Mbala (ten westen van Mount Elgon) hoe gezellig het s'avonds op straat was, gelijk ook daar een heel veilig gevoel. Stalletjes met eten op straat, heerlijk, "he, dat was er in Kenia ook eigenlijk niet!"

Het eten, we hadden al van veel andere toeristen gehoord dat het eten, hoe zuidelijker je afzakt, steeds slechter zou worden in Afrika, maar wij zitten hier heerlijk op straat te eten..... matoke (gepureerde groene banaan), posho (geen spaanse kip ;) maar gepureerde pasta van witte mais), heerlijke 'gewone' witte rijst en dan de keuze uit beef of fish er bij.


Heerlijke malse beef, die zo van zijn botje valt! Of even verderop, een chapati (een soort pannenkoek, oorspronkelijk Indisch, maar er zitten hier dan ook heel veel Indiers, je ziet hier in restaurants dan ook heel veel chicken of beef masala's) een chapati dus, met een omelet, met daarin weer geraspte witte kool en tomaat, genaamd een Rolex! Heerlijk! Ok, eerlijk toegeven deze 2 nationale gerechten komen we dan ook de komende weken hier in Uganda tegen op meerendeel van de lokale menulijsten, of dat nu op straat of in de restaurants is! Maar ze hebben hier dus ook heel veel Indiers, waardoor die invloeden ook in de multiculti restaurants te vinden zijn. In Kampala, de hoofdstad, zal later blijken dat er zelfs weer veel pizzeria's en ook Thaise en Chinese restaurants zijn! En een heuse bakkerwinkel met de naam BBROOD! Hoe maf is dat als je hier in Uganda rijdt en dan plots zo een Nederlands woord ziet! BBrood had dan ook heerlijk bruin volkloren granen brood N zonder suiker! Want dat stoppen ze hier jammer genoeg in heel Afrika vaak in het vieze slappe zoete witbrood, dan liever een chappie! (chapati ;) Heerlijk brood dus! Dan maar gelijk nog even sjieker gedaan en bij de Nakumatt (een soort AH maar dan van Oost-Afrika) een echte Nutella gekocht! Mjammie!

Ai, ik dwaal af, ik ben al in Kampala, maar we 'zitten' nog steeds in Mbale. Van Mbale vertrekken we de volgende dag naar de Sipi falls die 60 km noordelijker liggen.

De route naar de Sipi falls was prachtig, een mooie geasfalteerde weg, door allemaal dorpjes met veel landbouw. En op de achtergrond Mount Elgon, die we steeds dichter naderde. Het laatste stukje ging ook een stuk deze berg op, want Sipi Falls ligt op de hellingen van deze vulkaan. Onderweg had je vanaf de berg een prachtig uitzicht op de vlakte beneden, die zich eindeloos uitstrekte.


Eenmaal aangekomen bij het dorpje bij de watervallen, vonden we al snel een leuke camping. "The Crow's Nest" heette de camping en dat was een toepasselijke naam, want de camping was op de helling van een rots. De Sipi Falls zelf waren aan de overkant van de vallei, dus vanaf de camping hadden we een prachtig uitzicht op deze watervallen.


Wat een mooie plek weer! We hadden nog wat onderhoud te doen aan de motoren, dus daar vulden we de rest van de dag mee. De volgende dag was het tijd om de watervallen te verkennen. Er waren verschillende tours met gids, maar wij besloten er zelf op uit te gaan. Al snel kwamen we bij een plek waar de watervallen onder de weg door gingen.


Daar gingen we naar beneden en kwamen al snel bij de grootste val van de waterval uit. Heel spectaculair om bovenaan de rots te staan waar de waterval 50 meter naar beneden stort en een prachtig uitzicht.


's Middags dronken we er, met uitzicht op de waterval, natuurlijk, een biertje op.


De volgende stop in Uganda was Jinja. Deze plaats staat bekend als de avontuur-hoofdstad van Uganda of zelfs heel Oost-Afrika, omdat je er kan raften op de Nijl, quadbiken, bungeejumpen, etc. We wilden heel misschien gaan raften, maar we wilden zeker langs het begin van de Nijl kamperen, dus we reden naar een van de campings langs de Nijl. De meeste zijn behoorlijk commercieel en helemaal ingesteld op tourgroepen, die hier komen raften. En camping was echter wat rustig en wij vonden de ligging prachtig, vanaf hier had je een mooie uitzicht over een bocht in de Nijl.


Vroeger waren hier watervallen, maar door de bouw van een dam waren de watervallen helaas verdwenen. Evengoed was hier veel natuur (heel veel vogels en ook otters in de rivier!), kon je er goed zwemmen in de Nijl en was er een tree-swing! (touw aan de boom waarmee je jezelf het water in kan slingeren) Dikke pret dus en zo'n mooi plekje dat we er een paar dagen bleven staan. Het raften hebben we niet gedaan, omdat ons verteld werd dat raften op de Zambezi-rivier (Zambia) nog wat heftiger en leuker is, dus dat bewaren we voor dan.

Uiteindelijk lukte het ons om ons los te weken van dit mooie plekje en op te rukken naar de hoofdstad van Uganda: Kampala. Daar konden we comfortabel kamperen op het terrein van een bekende backpackers: de Red Chili's.


We waren eigenlijk alleen maar in Kampala om wat dingen te regelen, zoals een oplossing voor het oververhitten van een van onze motors. Vanaf Kampala zouden we eigenlijk doorrijden naar het zuidwesten van het land, omdat we gehoord hadden dat dat het mooist was. Maar in Kampala raakten we overtuigd dat we ook naar het National Park van Murchison Falls moesten. We waren bij aankomst gisteren direct doorgereden naar de ambassade van Rwanda om een visum aan te vragen, de aanvraag duurt toch 4 dagen, dus na een dag Kampala reden we alweer naar het noorden van het land om dit National Park te bekijken.

In dit park was ook een vestiging van de Red Chili backpackers, dus een kampeerplaats was snel gevonden. Daar konden we ook gelijk een boottochtje boeken naar de watervallen zelf. Dat was erg spectaculair, want hier perst de hele rivier de Nijl, die dan al aardig groot is, zich door een spleet in de rotsen van maar 7 meter breed. Dit is waarschijnlijk de krachtigste waterval in de wereld, wat een geweld!


Tijdens de boottocht zien we ook wildlife, waaronder velen nijlpaarden in de rivier, waarvan een paar besloten de boot aan te vallen. Toch wel intimiderend als een nijlpaard met volle kracht richting je boot springt, ook al gaat de boot te snel en kunnen de nijlpaarden ons (gelukkig!) niet bijhouden! Maar toch, ook sinds we dat akkefietje hebben meegemaakt van die andere toeriste in Kenia, die een nijlpaard met opengesperde bek op haar afkreeg......, we weten niet of we nog wel een kanotripje straks in Botswana, in de Okavango Delta durven te maken?!





Na het boottochtje gaan we met de motoren door het park, want hier in Uganda mogen we dus met de motoren door het park rijden!! Op zoek naar de leeuwen..... Pfff, gelukkig, die zien we niet :) (we hebben heel wijs geinformeerd naar wat te doen als we een rendez-vous hebben met een leeuw...? "heel hard wegrijden!") Wat zien we wel.... een hele kudde olifanten! Giraffen en weer vele soorten herten en wrattenzwijnen, onze eerste echte game-drive op de motor is geslaagd!


De volgende ochtend vroeg moesten we helaas al weer het park uit, want de entree is voor 24 uur en 1 dagje was al kostbaar genoeg. Maar op de weg het park uit, hadden we nog een gamedrive (weer met onze eigen motoren!!!) gepland en tijdens die trip zagen we weer veel wildlife: olifanten, giraffes, nu ook buffels, en weer allerlei herten, echt heel mooi! Een succes!





Na deze geslaagde safari moesten we nog steeds onze dingetjes regelen in Kampala, dus we konden ons nog wel een paar dagen vermaken in deze hoofdstad. Paspoorten weer opgehaald bij de Rwandeese ambassade en de visa's waren gelukt. Helaas kon niemand ons goed helpen met de oververhitte motor, dus daar is niks aan gedaan (zelf maar iedere dag koelvloeistof in de radiator blijven bijvullen dan, dat werkt uiteindelijk prima, alleen niet praktisch natuurlijk). Maar we hebben wel weer even genoten van de westerse geneugden die zo'n hoofdstad biedt: filmpje pakken, eten bij Nandos, westerse artikelen in de supermarkt en dus Bbrood! Jaja, de bekende (?) Nederlandse broodwinkel heeft naast vestigingen in Amsterdam, Den Haag en Haarlem dus ook nog 2 vestigingen in Kampala! (Zie www.bbrood.nl voor meer info over de ervaringen van Bbrood met het opzetten van deze vestigingen in Kampala, erg vermakelijk om te lezen met wat voor een problemen je in Afrika te maken krijgt, als je hier een business wilt opzetten!)


Wat verder opviel aan Kampala was het verkeer, dat nog meer vastgelopen leek te zijn als in Nairobi. We waren zo blij dat we motoren hadden en lekker door al het vaststaande verkeer konden crossen en ergens in 15 minuten konden aankomen, ipv. 2 uur stil te moeten staan in een hopeloze verkeersopstopping. Verder was het hier wat lastig om aan geld te komen. We proberen altijd te pinnen, maar in Uganda was de daglimiet slechts 250.000 Ugandese shilling, wat neerkomt op 67 euro. Aangezien de entree van een national park al 30 euro per persoon per dag is, is er dat soms snel doorheen. Bovendien gaat het regelmatig mis: geldautomaat buiten werking, wegens geen verbinding, geen stroom of bijvullen of de geldautomaat geeft een foutmelding, maar vervolgens is je daglimiet wel "op" en moet je 24u wachten voor je weer een keer kan pinnen! Pas op het laatst hoorden we (van andere Nederlanders!) van een trucje: zoek een bank met 2 pinautomaten, pin eerst je daglimiet bij de 1e automaat en pin dan gelijk bij de andere automaat en je kan nog een keer je daglimiet pinnen! Dus af en toe is het toch nog in je voordeel dat in Africa de zaken niet zo goed geregeld zijn als in Nederland!

Vanaf Kampala gingen we verder naar het strand! Uganda ligt dan wel niet aan de zee, maar wel aan Lake Victoria en we hadden gehoord dat de stranden op de Ssese Islands best goed waren. We hoefden slechts de boot te nemen vanaf Entebbe, de havenstad vlak bij Kampala, om een paar uur later op een paar bijna tropische eilanden te staan!


Een mooie camping aan het strand was snel gevonden, het was het Hornbill Camp, gerund door een Duits hippie-koppel. De camping deed z'n naam eer aan, want 's ochtends waren er heel veel hele grote hornbills (neushoorvogel, met een enorme snavel) in de bomen rond de camping echt prachtig! En als ze over je tent heen vliegen, wat een geluid, bijna pre-historisch!


Verder hadden we 's avonds een kampvuur op het strand en het was mooi, helder weer, met een enorm felle volle maan, waarbij we letterlijk de krant konden lezen en foto's konden nemen van onze eigen schaduw op het witte zand ;).
       Klik hier voor nog meer foto's!!!

Zwemmen was hier minder goed te doen, want in het water van het meer zit de parasiet bilharzia. We hebben wel in waters gezwommen waar deze parasiet voorkomt, maar alleen als we zien dat er geen riet is, waar de slakken zitten, die deze parasiet bij zich dragen. Maar hier lag het hele strand vol met slakken, dus dat leek ons geen goed idee...

In ons volgende reisverslag lees je hoe we ons verder vergaat in Uganda!

Klik hier voor nog meer foto's bij dit reisverslag!

travelinreport2012.10.27
  Nijlpaarden enzo!

Na Lake Bogoria, met zijn vele roze flamingo's in ons vorige verslag, rijden we 60 km verder noordelijk naar Lake Baringo, naar Roberts Camp. Verschillende reizigers hadden dit mooie meer en deze camping aangeraden. Daar aangekomen bleek het ook de enige camping te zijn die nog open was, want de rest was overstroomd! Het water in het meer stond om een of andere reden enorm hoog (meer als 2 meter hoger als normaal nivo) en ook van Roberts Camp was slechts een kwart van de originele omvang over! Aan de rand van het meer stond het huis van de eigenaar, maar nu kon je met een bootje recht de 1e verdieping invaren! En het water steeg nog iedere dag met 3 cm

Nu stond Roberts Camp al bekend dat een paar nijlpaarden de camping als hun favorietje stuk gras hebben om te grazen, waardoor ze iedere nacht over de camping lopen. Maar nu de camping veel kleiner was, moesten mens en nijlpaard nog meer mixen. Dat hebben we geweten, een paar nachten stonden de nijlpaarden letterlijk 1 meter naast onze tent en iedere avond stonden de hippos een paar meter van de veranda van het restaurant te grazen. Een andere toeriste liep op een avond onvoorzichtig over de camping (ze was mobiel aan het bellen) en zo liep ze plotseling 3 meter voor het nijlpaard langs toen ze voorbij een heg passeerde. De hippo schrok van haar, viel aan met wijd open gesperde bek(!) en de vrouw heeft veel geluk gehad dat ze de bek van het nijlpaard net kon ontwijken, anders was dit heel vervelend afgelopen. Haar man, wat andere mensen, de medewerkers en wij zagen het gebeuren en zijn daar zo van geschrokken..... terwijl zij meer zoiets had van, "het viel toch wel mee!?". Gelukkig maar dat ze het zelf dus niet zo ernstig oppakte, anders had ze misschien die nacht niet meer durven slapen. Maar de rest die het gezien hebben..... die hebben even die nacht niet zo lekker geslapen met het gegraas van een hippo zo 1 meter naast je. Ook de medewerkers waren best verbaast, "je past toch op als je s'avonds in het donker loopt?" Zo zie je maar, bellen in het verkeer gaat niet maar wandelen met de hippo's en bellen gaat ook niet samen :). Met de hippo's zo dicht om je heen is het normaal veilig, als je maar je verstand gebruikt en geen onverwachte dingen voor hun doet. Als ze weten dat jij daar staat dan doen ze je niks, als je maar niet plotselinge andere handelingen doet. De wachters stampen dan ook om te laten horen dat ze er zijn. En in je tentje, de tent zelf doet ze niks.... gewoon stil blijven, geen geluid en zeker niet even uit je tentje kijken en een fotootje van ze willen maken, met al die voorschriften is het veilig.

Naast de hippos was dit om veel andere redenen een heel mooi plekje. De camping was mooi, het meer was prachtig en er waren beesten alom. Aan de rand van het meer lagen krokodillen, Dave stond er nog bijna op n, die net op de rest van het aangespoelde hout leek!, (die suffe toeristen ook! ;) overdag lagen de nijlpaarden een paar meter van de oever in het water. Er hingen ook altijd varanen rond langs de waterkant en alle andere mogelijke hagedissen. En heel veel verschillende soorten vogels. Een grote maraboe ooievaar en veel reigers, reigers zoals we die in Nederland kennen maar ook de Giant Herron oftewel de reuze reiger, echt zo groot! Wel 3x zo groot als de 'gewone' reiger. Weavers, die hun hangnestjes in de bomen weven. IJsvogeltjes in alle kleuren, soorten en maten. En iedere keer als we aan het eten waren, kwamen de lokale hornbills (een soort tucan) gewoon op tafel zitten, om te kijken of er nog wat te halen viel! Er was ook een groep vogelspotters op de camping, die een vogelspottoer door Oost-Africa aan het maken waren, maar op deze camping alleen bleven ze 4 dagen, want er waren vogels genoeg!

Verder hebben we nog een boottochtje gedaan, waarbij we een getrainde visarend gevoerd hebben. (visje kopen, op de juiste plek in het water gooien en de visarend komt langsvliegen en pikt zo de vis uit het water! Mooi, indrukwekkend, maar ook eigenlijk een beetje een 'nep'gevoel) En met de boot langs het 'reigerdorp', een stuk van het meer met veel lage prikkelbosjes/boompjes in het water, die veiligheid bood voor de nestende reigers, waar wij dan tuusendoor voeren. Er waren wel honderden reigernesten, met krokodillen (!) eronder zwemmend, die wachten tot er af en toe een reigerkuiken uit het nest valt! :( Dat is dan wat minder leuk, maar het is de natuur he! Het was dan ook heel indrukwekkend, zoveel reigers, en ze bleven ook zitten, we kwamen wel tot op een meter afstand van tientallen reigers in n boom! Het gaf Marly zelfs een beetje het gevoel van de Galapagos eilanden, daar waar de Booby's en alle andere vogels ook geen vijanden hebben dus daarom blijkbaar ook niet bang zijn voor mensen en dat je je daardoor n met de natuur voelt.

Tijdens deze boottocht hebben we ook nog een paar visjes gevangen! Hoe.....supersimpel, hengeltje/stokje hout, touwtje, haakje met een stukje vis eraan in het water en binnen 1 minuut een 40 cm lange meerval binnenhalen! Zelfs de gids/bootman was onder de indruk van Dave zijn vangst! 's Middags hebben we die op ons kampvuurtje gegooid en als lunch verorberd.

Na bijna een week letterlijk tussen de nijlpaarden te hebben gewoond was het dan toch echt tijd om weer verder te gaan, hoe 'moeilijk' ook, want we hadden hier een prachtplek, n we hebben hier overdag met alle vogels om ons heen, en in de avonduren, met het geluid van de knorrende nijlpaarden op de achtergrond bijna al onze foto's van de reis eens mooi uitgezocht en klaar gezet om eindelijk weer eens op onze website te kunnen plaatsen. Het klinkt raar, ook al hebben wij hier vakantie, dat is toch iets waar we bijna nooit aan toe komen! We rijden een hele dag, komen dan moe aan dus gaan vroeg slapen, vervolgens te veel moois om te zien en te doen, en daar maken we dan weer ng meer foto's en videos van, dus tja, zo komen we nooit door onze foto's h! ;).

Dus we moeten echt vertrekken, weg van de heerlijke warmte en de zon, naar nog westelijker Kenia, op weg naar Uganda. Onze laatste plek in Kenia is Eldoret. Hoog gelegen in de bergen, nat en koud maar..... een geweldige, alhoewel, nee...., een grappige, gekke, Efteling kruising Burgers Bush campsite. Wie heeft dit ooit zo verzonnen? Op een heuvel gebouwd, een mega grote tuin met diverse picknick terassen, en een mooi groot zwembad met waterval en rieten parasollen en daaromheen palmbomen en regenwoudachtige planten! En verder, als heuse Harrison Ford's banen we ons een weg door de met olielampen verlichte overkappingen/gangen op naar het mega grote restaurant, die ook verschillende hoogtes en niveaus heeft, met daardoorheen een waterpartij/val/rivier die het alleen jammer genoeg niet doet. Het is er ook uitgestorven, zeker laagseizoen, het regent en het is koud, dus tja, wie gaat er hier dan ook nu zitten. Maar nee, het blijkt hoogseizoen te zijn??? Mmmm, morgen toch maar al vertrekken, jammer hoor, ook weer een mooi stekkie.

De volgende dag....... zon, zon en nog eens zo!!! Oeps, toch maar nog een dagje blijven dan? En we hebben heerlijk bij de zwembad rand gezeten, Dave heeft ook nog gezwommen, Marly niet, het water is helaas te koud, en dat is nu eenmaal een watje, een kou kleun! ;) Tot de donkere wolken zich samenpakken en we maar weer snel ons tentje in vluchten om weer de wollen sokken en truien aan te trekken, want het koelt snel weer af, van 28gr tot 14 gr. :(

Dat het hier zo koud is is ook niet zo gek, we zitten hier dan ook op een hoogte van ongeveer 2500 meter! We hadden onderweg al vele panfletten gezien van "Iten, home off the champions". Hier is dan ook de omgeving waar vele Keniaanse winnaars van de Olymische spelen en/of marathons geboren zijn. En nu is het hier een 'mekka' voor atleten om te trainen. Je ziet dan plots naast alle Kenianen met kapotte gescheurde kleding, atleten van over de hele wereld in hele nieuwe kleding en schoenen, op en top, tot in de puntjes op elkaar afgestemd, van Nike, Adidas en welk anders bekent merk dan ook rondrennen! Altijd weer dubbel. Maar ja, wij rijden ook langs he, met onze motor (ons 'huis'), met daarop alle gemakken en dure dingen!

De volgende dag, ja hr, weer zon! Volop, yeb, we gaan nog een dagje zwembaden! Want ook op dit plekje zitten we ondanks de regen en de kou later die dag weer, toch wel mooi, elektra in het restaurant, we waren lekker op weg met onze foto's, dus gaan er nog even goed mee door om weer eens helemaal op schema te komen! Jeetje, wat een keuzes moeten we hier toch elke dag weer maken he ;) n.... we hebben ook weer eens flink aan de motor geklust hoor, want n motor blijft maar te snel te warm lopen. Nu hadden we in Nairobi de carberateur rijker gezet op advies van velen, want door meer benzinetoevoer, koelt de benzine de motor ook enigzins wat meer, misschien zou net datgene wat helpen om te voorkomen dat de motor steeds zo warm wordt. Helaas, nu startte de motor elke dag niet meer, verzopen, te veel benzine, en daardoor natte bougies, die we nu steeds voor vertrek dan weer moesten droogblazen :( Het rijker zetten hielp wel iets tegen het warmer lopen, dat ging nu net iets minder snel, maar ja, nu hadden we er weer een ander probleem bij. Dus hier in Eldoret het naaldje van de carberateur maar weer 1 stap minder rijk gezet, en dan maar vanaf nu 'gewoon' elke dag de radiator met vloeistof bijvullen. (En tot nu toe werkt dat prima, geen oververhitte motor meer gehad!)

Uiteindelijk zijn we klaar om te vertrekken op naar weer een nieuw land! Land nr. 11 op deze reis: Uganda!

travelinreport2012.10.05
  Nat en regen ;( ...... And this is Africa?

Eindelijk na een paar weken Nairobi vertrekken we dan naar het westen van Kenia. Niet dat het vervelend was in Nairobi, maar na een paar weken stad en vele files omzijlen, jeetje, wat een verkeer, echt het is een straf in Nairobi als je hier een auto hebt, maar wat wil men hier maar wat graag een auto, dat is natuurlijk een luxe, net zoals in de rest van de wereld, en dan fijn in de file stil staan, (en niet een file op de snelweg he, zoals in Nederland, maar alles vast, echt vast, in de hele stad!) Dus wat heerlijkheid is dat dan en wat waren wij blij dat we er met de motor omheen en tussendoor konden, heerlijk gefilterd hebben we! Maar we willen liever toch wel weer de natuur in, ofwel..... gewoon weer lekker op pad gaan.

Na Nairobi 100km rijden naar Lake Naivasha, met "gevaar" voor eigen leven, wat rijden ze hier als idioten zeg, net als op de snelweg rond Nairobi, daar ze halen je aan alle kanten in en het maakt niet uit of jij daar rijd. Pfoeh..... We dachten dat Napoli in Italie tot nu toe het ergste was, en van horen zeggen dat vele andere reizigers Cairo al verschrikkelijk vonden, dat vonden wij wel weer meevallen (zijn Amsterdam gewend he, met al die fietsers die van alle kanten opduiken ;) euhhh, wijzelf daarmee vaak ook :) Maar hier, echt niet normaal. Op de snelweg... fietsers 10 km per uur, brommers 35 km per uur, tractoren (20 km per uur?), wij 80 km, oude autos 60 km en dan sjeesen daar de nieuwe blitse upperclassers voorbij met zo een gangetje van pak hem beet 150 km per uur! En dan massal met zijn allen bovenop de rem! Want.....ze hebben hier drempels op de snelweg!??? Onaangekondigd! (en het is een echte snelweg he! de 1e trouwens weer sinds Europa!) Echte waanzin dus, maar goed, je past je snel aan en duikt dan maar opzij he voor al die gekken, en gelukkig, dat is gelukt, we schrijven dit reisverslag nog! ;) En wij maar bang zijn voor Nairobberry, zoals Nairobi in de volksmond hier wordt genoemd, maar daar hebben wij gelukkig helemaal niks van gemerkt, gezien of gehoord, is dan ook meer een kwestie van, toch veilig je eigen vervoer, en ja, niet te laat in de avond rijden over straat hier, je ook daarin wat aanpassen.

Na 100 km overleven over een weg waar alle tegenliggers 'gewoon' maar inhalen of dat nu wel of niet kan, komen we dan ongeschonden aan bij Lake Naivasha. Op een camping tentje opgezet en heerlijk genoten van alle (brutale en grappige) velvet aapjes om ons heen, later zelfs ook nog de mooie wit-zwarte Colobus apen, de mooie pelikanen die voor onze tent langs in het meer dobberen en af en toe naar een visje happen, de vele ijsvogels, de Indirs (die hier met grote getalen wonen in Kenia) met hun grote beatboxen in de auto's en heerlijk van drie verschillende kanten tegen elkaar in DJ-en tot 4.00 uur in de nacht (ach, het was weekend, en ze hebben ook recht op een feestje :( ) en het gegraas van de nijlpaarden in het donker op de oever van de kant, waar gelukkig schrikdraad tussen ons tentje en de nijlpaarden in zit dat elke avond om 19.00 uur aangaat. Geeft toch wel een veilig gevoel met slapen :) Nijlpaarden zijn immers de meest gevaarlijke en dodelijkste dieren op het Afrikaanse continent! Niet te weten dat we een paar dagen later op een camping komen te staan waar ze dus het gras letterlijk tussen onze haringen opeten, maar goed, dat verhaal komt straks nog, moeten het een beetje spannend houden he ;) Al met al een top plek. We genieten enorm.

Aan dit meer ligt ook het Hell's Gate National Park, daar kun je dus met de fiets doorheen. (geen leeuwen en olifanten hier, wel een paar wat andere katachtigen) Dus wij een fiets gehuurd, om tussen de vele giraffen en zebra's te fietsen! (je mag ook met een auto in maar niet met de motor (?)) Maar goed, met de fiets is natuurlijk juist super, met die motor horen we natuurlijk alleen maar onze eigen "herrie" terwijl de stilte hier juist nu zo mooi is. En in dit park ook nog een hele mooie wandeling door een rivierkloof gemaakt met warmwatervallen (is weer eens wat anders dan warmwaterbronnen). Echt heel mooi allemaal!

Van Naivasha weer maar 100 km rijden (de afstanden liggen gelukkig eens heel dicht bij elkaar hier in het westen van Kenia) naar het volgende meer, Laka Nakuru, een nationaal park bekend om zijn vele flamingos. Weer ons tentje opgezet op weer een hele mooie camping, alleen dit keer niet aan het meer zelf, want dat is al nationaal park en helaas kun je daar niet zo makkelijk slapen of heel duur, aangezien je hier niet met de motoren naar binnen mag (zoals in veel parken in Kenia) zouden we dus een auto moeten huren a 100 dollar en de toegang tot het park is ook weer een 80 dollar pp. Mmmm, de wildparken in Kenia gaan het niet meer worden, dan gaan we het niet redden qua budget tot aan Zuid-Afrika ;) Nee hoor, het is ook meer een kwestie van afwegingen maken, we kunnen immers niet alle parken in. En er gaan er op onze route nog vele volgen, het is en blijft een kwestie van keuzes maken he, ook al hebben we zoveel tijd..... ook wij moeten verder :) En we weten dat er nog zoveel parken volgen waar we dan wel met de motor in mogen of waar we van gehoord hebben die meer de moeite waard zijn. We hebben ook enorm getwijfeld om de Masai Mara nu wel of niet te bezoeken, maar hebben daar meer negatieve verhalen over gehoord dan positieve. Te duur, te massaal, de kans dat je de wildebeast echt over de rivieren ziet gaan, (om dan vervolgens door krokodillen te worden opgegeten of te verdrinken) met hun oh zo bekende migratie trek...... tja, we wilden het tuurlijk graag zien, maar als je dan van 5 verschillende personen hoort dat 4 stuks daarvan niks hebben gezien en maar eentje wel....

Maar goed, nationaal park Nakuru dus, waar we besluiten om een tocht met de motor er omheen te maken, de scenery rondom zou ook geweldig mooi moeten zijn. Nog geen 15 km onderweg en het begint te regenen, en koud te worden...... bah, en dit is Afrika? We rijden nog wat kilometers door, de doorgaande weg blijkt n modderbaan te zijn geworden, we hebben het koud....mmmmm, we gaan terug om ons bij de heerlijke open haard in het restaurant van de camping op te warmen met een heerlijke warme soep om weer even bij te komen.

De volgende dag...... dito! :( Helaas, het regen seizoen is te vroeg, het weer is in de war, net als in de rest van de wereld. Het is koud en nat, nu is nat nog te doen, maar de combi met kou......

Dan weer verder, en gelukkig wat lager qua hoogte dus de temperatuur wordt weer wat zachter, heerlijk tuffen we met de zon en warme wind richting het volgende meer, ook weer een nationaal park, waar we wel met de motor in zouden mogen, Lake Bogoria, nog bekender onder de Nationaal Geographic kijkers, van de flamingos, hele roze tapijten met flamingos zouden we hier moeten gaan zien! We kunnen niet wachten. Na zo een 45 km off-road, langs behoorlijke voorgereden, gelukkig wel opgedroogde, modderbanen (waar we met de motoren precies tussendoor manouvreren). Een mooie route, langs dorpjes, met een mooie, behoorlijk steile afdaling met een heel mooi overzicht over het meer, en eindelijk is daar de ingang! Maar wat een wind komt er opzetten, een storm, de lucht wordt zwart en ja hoor, binnen korte tijd met bakken uit de hemel. "Nou, normaal is het hier altijd droog, het zou helemaal nog niet moeten regenen!" :(

Na gescholen te hebben bij de entree, wat gedicusseerd te hebben over de toegangs prijs (was sinds juli 2012 net toevallig verhoogd van 15 dollar pp naar 50 dollar pp!!! excl. de motoren en overnachten in je eigen tentje in het park, ook daarvoor moet je dan ook (wat logisch is natuurlijk) nog betalen he! :( Hoe bedoel je een kleine prijsstijging, en onze algemene prijslijst van alle parken in Kenia was dus al 'oud' nu! Maar gelukkig begrepen ze maar al te goed dat we niet over de 45 km lange nu enorme modderglijbaan terug konden rijden, (en de weg door het park naar het volgende dorp zou veel korter en beter van wegdek zijn)..... vonden ons heel aardig en vonden ze ons er heel jeugdig uitzien ;) dus lieten ze ons naar binnen als studenten! Oftewel, kregen dus een korting, omdat ze vereerd waren dat we dat hele stuk vanuit Nederland helemaal naar Kenia, naar hun Lake Bogoria, waren komen rijden! Almetal was het inmiddels wel al 19.00 uur, dus donker. We moesten dan ook in het donker de kampeerplek zien te vinden, (achteraf dus niet gevonden, bleek een ander plekje :), ons tentje opzetten, om al die tijd letterlijk, lek geprikt te worden door de muggen, en waar...... op net die plekjes waar we geen motorhandschoenen hebben, geen hele dikke motorbroek, geen heel dik motorjack en geen helm op hebben..... juist, op je neus en rest van je gezicht. Deet 40 doet toaal niks, gelukkig heeft Dave van zijn eerdere reizen in Aussie, nog wat deet 80, en gelukkig, dat vinden ze niet lekker, pffff. Nou, dat wordt nog een moeilijk verhaal met malaria gebied zeg, hoe kun je je nu weren tegen zo een extreem aantal muggen. Gelukkig voor ons was het wel droog, en warm......35 graden. Heerlijk zo beschermd met al die motorkleding aan, en vervolgens verstoppen in ons tentje met alles dicht. Heerlijk warm, maar wij klagen niet, alles beter dan kou en regen :)

Die avond hebben we dus niks van het park kunnen zien, donker, te veel muggen en we waren moe, dus vroeg gaan slapen om de volgende dag vroeg op te staan.

"Goedemorgen wereld!" Wat is het hier mooi zeg, echt ongerept, geen andere mensen te zien, helaas wel, op klaarlichte dag, nog zo enorm veel muggen! Dus met de grote hitte (dat dan eindelijk wel, droog, heerlijk warm en veel zon) Dat we de 'nieuwe' kampeerplek niet hadden gevonden was niet zo vreemd, die lag achter vele bosjes verscholen (en achteraf vol met apenpoep :) en de oude officiele plek was ondergelopen, en de weg er naar toe ook, omdat het waterniveau van het meer was gestegen door de vele regenval de afgelopen tijd. (Later blijkt ook dat bij andere meren het niveau stijgt en zelfs hele huizen onder water verdwijnen). Weer de volle bepakking qua motorkleding aan, maar nu dus vooral als bescherming tegen de muggen :(! Bij warmwaterbronnen aan het meer gestopt om te lunchen. Z mooi, meerdere bronnen die borrelen, koken, spuwen, stomen. "Mmmmm, misschien kunnen we hier wel een eitje in koken?" En zo gezegd zo gedaan, n het is gelukt! Heerlijk hebben we onze eitjes gegeten aan het meer met in de verte ons eerste zicht op wat flamingos's, n.... zonder muggen, die werden waarschijnlijk te veel gestoomd hier, t'was dan ook net een turks stoombad!

Verder langs het meer gereden, het wordt wat heuvelachtiger en ja hoor, daar zien we van bovenaf een 1e roze tapijt! Zoveel flamingos bij elkaar. Snel dichterbij zien te komen. Als 'echte' vogelspotters kruipen we, met de volledige motoruitrusting inclusief geel reflecterend hesje ;), richting de flamingo's. Er is een houten schutting gebouwd, dus van achter de schutting hebben we heel dichtbij een heel mooi zicht over de flamingo's, al dansend, net een waterballet, schuiven de flamingo's met zijn allen tegelijk van rechts naar links, of met zijn allen te gelijk de hoofden op en neer..... wat een sprookje. Net als op tv, maar nu in het echt!

Na heel mooi langs het meer verder te hebben gereden gaan we zo een 12 km verderop het park weer uit. Daar is dan ook een ingang/uitgang, en de ranger aldaar vraagt ons om ons toegangskaartje. "You are really a student?" "Yes yes" "Oh, ok, bye bye, have a nice journey!" ;)

travelinreport2012.08.26
  Moyale weg, Noord-Kenia

In ons vorige reisverslag stonden we op het punt om Ethiopie te verlaten en naar Kenia te rijden.

De weg naar de grens kenden we al, dus dat was een makkie, maar op het laatst stond ons een verrassing te wachten. Ongeveer 25 km voor de grens is een checkpoint, die wisten we ook nog van de vorige keer. Maar het viel ons op dat er in de kilometers voor het checkpoint een hoop tijdelijke nomadenhutjes waren, die we ons niet van de vorige keer konden herrinneren... Bij het checkpoint aangekomen bleek er een hele menigte te staan, waarbij we ons niet op ons gemak voelden. Sommige mensen zeiden dat we gewoon door konden rijden, terwijl anderen zeiden dat we zeker niet verder moesten rijden. Maar we zagen niemand in uniform, dus reden voorzichtig door. Plotseling werd het heel stil langs de kant van de weg, vrijwel geen mensen. En toen zagen we wat militairen, die wat gespannen overkwamen. Later nog meer militairen, behoorlijk fiks bewapend... Ze maanden ons allemaal dat we door moesten rijden, dus dat deden we braaf, maar langzaam begonnen we ons te realiseren dat hier zeer recentelijk gevochten was... Gelukkig waren we snel bij de grens en in het hotel (wat we ook nog kenden van de vorige keer) kregen we uitleg: 2 rivaliserende stammen waren slaags geraakt, wat volgens de lokale mensen met jaarlijks terugkerende regelmaat gebeurt. Het was precies die dag om 8 uur 's ochtends begonnen en kort daarna was het leger tussen beiden gekomen. Gelukkig was er in het dorpje aan de grens verder niks aan de hand en gingen we de volgende dag dit gebied uit, Kenya in.

Ethiopie uit was een makkie, ze herkenden ons nog van 3 maanden terug: "zijn jullie nog steeds hier?". Het papierwerk voor de vervangende motor was op zich niet zo moeilijk, maar officieel moesten we de oude, kapotte motor mee het land uitnemen. Gelukkig had de douane zelf een foutje gemaakt en daarom hoefden we de oude motor niet mee te nemen en waren we dus snel klaar om ons volgende land binnen te gaan: Kenia!

Kenia in was een makkie, nog nooit zo een vriendelijke douanier meegemaakt, wat een grappige kerel, ook omdat wij heel geintereseerd naar wat vertalingen in het Swahili vroegen, is hij helemaal vergeten om ook maar een blik op onze motoren te werpen, en/of de bagage te checken, offe...... is dat normaal in Kenia? Hoe dan ook, het was de vlotste grensovergang in Afrika tot nu toe. En behalve een visum voor onszelf, waren de motoren gratis.

Daarna was het tijd voor de uitdaging waar we ons ondertussen al anderhalf jaar op voorbereid hebben: de beruchte Moyale weg. Een 500 lange, slechte offroad weg door het noorden van Kenia.


Aan het begin van de dag waren we nog vol goede moed, maar al snel begon het slopende wasbord-effect zijn tol te eisen. Eerst viel Dave's gereedschapsrol van z'n motor, maar dat was snel opgelost. Een paar uur later was ons moraal echter ook ten prooi gevallen aan deze weg. Het is gewoon heel vervelend om zoveel uren lang zo door elkaar geschud te worden. En het landschap is volkomen leeg, wat de eerste 3 uur nog wel voldoening geeft, maarja, op een gegeven moment wil je tijdens dat geschud ook nog wel eens iets zien, maar helaas....kale vlaktes, wat dan dus ook heel snel verveeld. Wel mooi om onderweg kuddes kamelen door deze woestijn te zien lopen.


De optie om op een kwart van de weg te overnachten, lieten we schieten, we wilden gewoon zo snel mogelijk naar het einde! Helaas, niet op gerekend, (nooit natuurlijk) dat je op deze zandwegen ook nog een spijker in je band kunt krijgen :( Lekke band, en dat nog precies in een soort van dorpje, dus gelijk weer 30 mensen om ons heen, maar gelukkig bleven ze iets meer op "afstand" dan in Ethiopie.


Halfuurtje wezen plakken, en weer verder. En vlak voor het dorpje halverwege (Marsabit, waar we onze 1e overnachting zouden hebben) kwamen we tot de ontdekking dat van beide motoren het achterframe gebroken was, een resultaat van overbelading (extra benzine en water) en de slopende effect van deze wasbordweg. Maar gelukkig, ondanks deze mankementen hebben we de helft erop zitten!

In Marsabit hadden we niet 1, maar 2 rustdagen nodig om bij te komen, ook omdat onze motoren gerepareerd (frame weer in elkaar lassen) moesten worden.


En tijdens het bijkomen hebben we bedacht wat we verder allemaal willen zien deze reis, ook wel handig om te weten! ;)


Op de 2e dag kwamen de Turkse motorrijders ons hotel binnen, zij hadden de Turkana route afgerond en overleeft, al was het maar net, want ze waren halverwege zonder water komen zitten, zich enorm verkeken op het onbewoonbare en bijna onmogelijke begaanbare van deze "weg" want weg kun je het niet noemen, alleen maar zand en je hebt hier zeker een navigatie nodig, en zelfs dan kun je nog verdwalen want de wegen kunnen door de weersomstandigheden veranderen, wat bij hun dus ook het geval was. Gelukkig kwamen ze een politie-auto tegen, die hun water heeft gegeven! 5 dagen hadden ze erover gedaan i.p.v. 3 waar ze zelf vanuit gingen! Verder had van hun beiden motoren de achterschokdemper het begeven...

De tweede helft van de Moyale weg bleek mee te vallen. We hadden nu meer tijd, de weg was minder slecht en op 3/4 van de totale afstand bleek het asfalt al te beginnen! We hebben ritueel het asfalt gekust, (ook voor de foto natuurlijk ;) zo blij waren we er nu mee, na zo'n rotweg. Off-road rijden vinden we helemaal geweldig, maar 500 kilometer wasbord is gewoon niet leuk! Eenmaal op asfalt was het een relaxte rit naar het stadje Isiolo, wat niks bijzonders heeft en dus niks meer als een overnachtingsplaats was.

In de 2 dagen daarna zijn we naar Nairobi gereden, waarbij we ook de evenaar zijn gepasseerd (!). Verder zijn we een paar keer bijna ingehaald door mevrouw en meneer struisvogel die met ons mee rende langs de kant van de weg (gaaf!), hebben we al wat impala's gesignaleerd, hebben helaas nog geen leeuwen gespot of n van de andere van de big 5. Wel veel wildparken gepasseerd, maar helaas mag je nergens met de motor in, zijn de prijzen behoorlijk gestegen in de afgelopen jaren, lees 3 jaar geleden! (80 dollar p.p. toegang, 40 dollar p.p. (!) voor te kamperen in je tentje, en daarbij komt dan ook nog een autootje huren), dus de wildparken komen nog zo gauw we horen welke echt zeker weten de moeite waard zijn. Verder hebben we de koude alhier getrotseerd. (rondom Mount Kenia, bijna weer dikke handschoenen en wintervoering nodig op de motor! :(

Dus tot een week geleden hadden we nog geen olifanten en giraffen gezien, maar hadden toch besloten om naar het David Sheldrick Wildlife Trust park in Nairobi te gaan, (www.sheldrickwildlifetrust.org/) daar waar ze olifant-weesjes opvoeden tot ze oud en groot genoeg zijn om weer terug in het wild te gaan. Met de fles grootgebrachte olifanten baby's, alhoewel begrip baby is natuurlijk een groot woord, met een half jaar wegen ze al honderden kilo's...

Al met al hebben we een paar weekjes in Nairobi gezeten, alwaar we weer wat kleine schades en verbeteringen aan de motoren hebben gefixed. Aangezien we daar in Nairobi ook weer een geschikte plek voor hadden, Jungle Junction, een overlander spot, net als in Addis Ababa van Wim's, hier van Chris uit Duitsland, die hier al jaren gevestigd zit. Met ook alles aanwezig, gereedschap om te lenen, de ruimte en mensen om vragen aan te stellen. En, niet geheel onbelangrijk in dit digitale tijdperk....... internet, en dit keer een snelle verbinding, waardoor we nu behalve foto's nu ook eindelijk heel wat filmpjes hebben kunnen oploaden (op het linker menu onder videos.... Ethioie 2011 en Ethiopie 2012)

En zo in de loop van de week vertrekken we van hier naar het westen van Kenia, in de richting van Uganda met wat tussenstops in diverse parken. En met als 1e stop Hell's gate, en het Nakuru National Park. Parken waar je doorheen kan wandelen en of fietsen (te huur), en oog in oog komt te staan met zebra's, olifanten, impala's en wat nog meer, behalve de katachtigen ontbreken hier, vandaar dat je hier dus zelfstandig doorheen mag kuieren. Het lijkt on in ieder geval een machtige ervaring. En hoe die ervaring was, zullen we jullie in het vervolg verslag laten weten!


< Reisverslagen pagina 8                                                                                                                         Reisverslagen pagina 6 >